| 28 mei 2011 - Liedboekdag Deventer |
| Meer info:
klik hier |
| |
18 juni 2011
Algemene ledenvergadering KVOK te Utrecht
|
| |
Deze vindt plaats in de de Lutherse
kerk te Utrecht. Voorafgaand aan het huishoudelijk gedeelte
een mini concert op het orgel. Na de ALV een lunch. Dan een
wandeling naar de Pieterskerk onder eventueel genot van een
beiaardconcert. In de Pieterskerk twee orgelbespelingen door
twee conservatoriumstudenten. Dan naar Willbrordkerk met
voornamelijk Amerikaanse muziek. Dan de nazit.
De jaarstukken zijn beschikbaar via
deze link.
|
| |
|
| |
18 september 2010 Studiedag muziekbijlagen Muziek & Liturgie |
| |
Op zaterdag 18 september 2010 organiseert de KVOK op
initiatief van de Muziekcommissie van Muziek & Liturgie een
studiedag over de muziekbijlagen van 2009 en 2010.
Het doel van deze dag is een wisselwerking te stimuleren
tussen de lezers/gebruikers van de muziekbijlagen en de
muziekcommissieleden. Naar
het oordeel van de laatsten is er veel te weinig contact
tussen beide groepen. De muziekcommissie wil dan ook graag
van de lezers weten wat zij
van de muziekbijlagen vinden (stijl, praktische
bruikbaarheid, moeilijkheidsgraad etc.), maar zij wil ook
graag haar eigen vakkennis overdragen
aan organisten en cantores in het land.
Elkeactievedeelnemerkrijgt.de kansom één van de
muziekbijlagen uit 2009 of 2010 uit te voeren. Er zullen
zowel instrumentale (orgel met eventueel
een ander instrument) als vocale workshops gehouden worden.
Dirigenten zijn bij deze ook uitgenodigd. (Er zal een
cantorij aanwezig zijn).
Deelnemers kunnen vragen stellen aan de commissieleden en
uiteraard gebruik maken van de adviezen die de
commissieleden meegeven.
De studiedag in de Taborkerk aan de Prinsesselaan te Ede
wordt
geopend om 10.00 uur en zal rond 16.00 uur worden
afgesloten.
Deelnemers dienen zich op te geven voor l september bij
Gonny
van der Maten vdmaten@planet.nl met vermelding van de
muziekbijlage
van 2009/2010 die zij gekozen hebben. De muziek
dient men zelf mee te nemen, evenals een lunchpakket.
Koffie/thee en diverse andere drankjes zijn ter plekke te koop.
Laat u niet weerhouden mee te doen. Hoe meer wij weten van
onze doelgroep, hoe beter wij deze tegemoet kunnen komen.
De muziekcommisieleden: Gonny van der Maten, Wim Ruessink,
Dick Sanderman en Dick Troost.
Deelnemers aan de studiedag krijgen de
muziekbijlagen (in pdf-formaat) na aanmelding per mail
toegestuurd.
|
| |
De Algemene Ledenvergadering van de KVOK is op
zaterdag 12 juni te Leeuwarden met orgelbespelingen in de
Grote kerk, Waalse kerk en Koepelkerk.
Meer
informatie
Bestuurswisseling
|
| |
Compositiewedstrijd
De Muziekcommissie van M&L is op zoek naar
talent.
Zij organiseert daarom een
compositiewedstrijd waaraan iedereen mag meedoen.
Gevraagd wordt een compositie in te sturen
voor orgel die geschikt zou zijn als muziekbijlage in M&L.
De compositie moet aan de volgende
voorwaarden voldoen:
-
de compositie is geschreven in de vorm van een partita (op een melodie
uit het Liedboek voor de Kerken of Tussentijds).
-
er dient een intonatie en een begeleidingszetting aan vooraf te gaan
-
de compositie moet uit te voeren zijn door een amateur-organist(e) in
een normale kerkmuziekpraktijk.
-
tempo- en registratieaanwijzingen moeten worden vermeld.
-
de omvang mag niet groter zijn dan 4 gedrukte pagina’s (= 4 x 12 balken).
De ingezonden stukken worden beoordeeld
door de Muziekcommissie. Discussie over de uitslag is niet mogelijk.
Uiterste inzenddatum: 1 juni 2010
Inzendingen (per post, in viervoud) sturen
naar: Wim Ruessink, Bargerslat 28, 7103 DW,
Winterswijk
De commissie wil de inzendingen anoniem
beoordelen. Daarom moet de compositie verstuurd
worden zonder vermelding van de afzender op de buitenenvelop. De compositie zelf
moet voorzien zijn van een motto, zonder vermelding van de naam van de
componist(e). Toegevoegd wordt een gesloten kleine envelop, waarin hetzelfde
motto, met de naam en adresgegevens van de componist(e).
De beste inzendingen worden gepubliceerd in
Muziek & Liturgie.
Gonny van der Maten
secretaris Muziekcommissie
|
De najaarsbijeenkomst die de KVOK organiseert op 10
oktober, zal worden gehouden in de St.-Petruskerk (Oude
Kerkstraat 20) te Boxtel.
In deze kerk bevindt zich een prachtig Smits-orgel
(1842) dat in 2006 gerestaureerd werd.
De dag wordt geleid door componist Daan Manneke.
Leidraad van de dag wordt gevormd door de onderdelen van
de vesper. Speciaal voor deze bijeenkomst zal Daan
Manneke een hymne componeren. Daarnaast is er aandacht
voor groepsimprovisatie waaraan Manneke als geen ander
inspirerende leiding weet te geven.
Aanvang : 10.30 uur (ontvangst vanaf 10.00 uur). De dag
duurt tot ca. 15.30 uur.
De kerk is gemakkelijk te bereiken met openbaar vervoer:
vanuit het Station loopt u rechtdoor de Stationsstraat
in. Na de ‘Zwaanse Brug’ over de Dommel loopt deze
straat over in de Rechterstraat. De eerste weg daarna
slaat u linksaf de Jan Kruijssenstraat in. Deze loopt
met een bochtje langs de Markt; u houdt links aan. De
eerste straat rechts is de Oude Kerkstraat; aan het
einde van deze straat staat de St.-Petruskerk. De toren
is vanaf de Markt al zichtbaar.

|
Voor een overzicht van de studiedagen 2009 zie het
volgende pdf-document:
|
Aanwezig zijn leden van het hoofdbestuur, hoofdredacteur van
Het Orgel Smelik, leden en belangstellenden, allen volgens
presentielijst.
1. Opening
Rein van der Kluit opent de vergadering en heet een ieder
welkom. Hij
constateert dat er geen genodigden aanwezig zijn. Hij heet
de erevoorzitter
speciaal welkom.
2. Jaarrede door de voorzitter
Van der Kluit houdt de eerste voorzittersrede van de
vereniging. Een historisch
moment. Hij benadrukt de sterke beginpositie van de
vereniging.
Het bestuur functioneert goed, veel leden, goede financiële
positie, prima
bladen. Maar we hebben veel oudere leden. Wat is onze
toekomst? We
moeten streven naar meer kritische massa. Ook aanpalende
verenigingen
zijn welkom. Ook een frisse wind met betrekking tot de
organisatie
van de nieuwe afdelingen is van belang. Er zijn veel orgels,
veel concerten,
er is veel kerkmuziek. Toch moeten we alert zijn.
Het KASKI-rapport
(Kerkmusici en kerkmuzikale praktijk binnen de PKN) geeft
een sombere
toekomstverwachting: er zijn veel ouderen en er is weinig
aanwas. Dat is
zorgelijk, maar er wordt geen alarm geslagen. Onze
kerkbestuurders hebben
weinig aandacht voor de (kerk)muziek, zelfs bij de synode en
bij de
bisschoppen. De inzet van professionals is bitterhard nodig.
Een sterke
vereniging helpt hierbij. Laten we allen de toekomst
verwachtingsvol tegemoet gaan en openstaan voor nieuwe
ideeën, de uitdagingen aannemen en de lofzang gaande houden.
3. Vaststelling agenda, mededelingen en ingekomen stukken
De agenda wordt vastgesteld.
Mededelingen:
De voorzitter verontschuldigt Frits Zwart wegens het in
ontvangst nemen van de erepenning van de KVNM.
Henny Heikens meldt de nadere plannen voor een
najaarsbijeenkomst met als onderwerp kerkmuziek.
Daan Manneke is gevraagd om deze dag te verzorgen. Nadere
mededelingen volgen.
Bericht van verhindering van de heer van Oosterom
(Zoetermeer), Gert van der Schoor, Ben Veldkamp, (Zutphen),
Peter Ouwerkerk, Jan van den Brand, Kees Klomp, Bram van
Oort en Dick Kapteyn.
Ingekomen stuk: Bericht van de kascontrolecommissie van de
GOV. De kas is in orde bevonden.
4. Herdenking overleden collega’s en onderscheidingen
De overleden collega’s van het afgelopen verslagjaar, wier
namen staan vermeld in de jaarverslagen 2008 van de KNOV en
de GOV en die door de voorzitter worden voorgelezen, worden
met een korte stilte herdacht.
6. Verslagen 2008
De verslagen staan ter info in NotaBene. De afspraak uit de
vorige afzonderlijke KNOV- en GOVvergaderingen is dat de
jaarstukken ter informatie
voorliggen en dat de besturen van de oude verenigingen
gemandateerd zijn de jaarstukken formeel af te handelen. Nu
ook de financiële zaken voor
2008 zijn afgehandeld, kan de fusie ook formeel worden
afgewikkeld. De vergadering heeft geen nadere vragen over de
jaarstukken.
7. Financiën
De voorzitter stelt de begroting 2009 en 2010 aan de orde.
De begroting is duidelijk en geeft een gezond beeld en de
vergadering stemt daarmee in. De ALV stemt ook in met het
voorstel om de contributie, gelet op de financiële situatie
van de vereniging, niet aan te passen en dus op het niveau
van 2009 te handhaven.
8. Organisatie, werkwijze, financiering en activiteiten
binnen de afdelingen.
Van der Kluit leidt dit onderwerp in door op te merken dat
de voormalige kringen en districten gevraagd is na te denken
over de organisatie van de nieuwe afdelingen. Dit is zeker
ook van belang voor de financiering van de afdelingen. Hij
constateert verschillen. Er zijn al afgeronde nieuwe
afdelingen gevormd, maar andere afdelingen zijn nog volop in
ontwikkeling. Het is in ieder geval de bedoeling dat de
afdelingen een uniek gebied beslaan. De afdelingsgrenzen
kunnen elkaar niet overlappen. De voorzitter peilt de
situatie in het land.
• Friesland: de afdeling Friesland is gevormd. De
algemeen secretaris verzoekt, wanneer een afdeling tot stand
is gekomen, dit aan het bestuur en
aan de redactie te melden.
• Groningen: afdeling is gevormd. Wel is nog aandacht
nodig voor de plaats van de voormalige GOVkring in
Noord-Drenthe, die altijd op Groningen georiënteerd is
geweest. Drenthe en Groningen zullen hierover spreken.
• Drenthe: Besprekingen zijn gaande om de oprichting
van de afdeling Drenthe tot stand te brengen.
• Overijssel: afdeling is gevormd.
• Gelderland: Er wordt een enquête onder de leden uit
Gelderland gehouden om te peilen hoe de Gelderse indeling
zou moeten zijn. Het lijkt erop
dat Gelderland zal worden opgedeeld in een paar gebieden.
• Utrecht: De situatie van Utrecht wordt
gecontinueerd in één Utrechtse afdeling met besprekingen
over het rivierengebied met Gelderland. Een indeling naar
postcode kan helpen. • Noord-Holland: De
provinciegrenzen van Noord-Holland vormen de afdeling.
Flevoland zou voor het deel ten westen van Lelystad bij
Noord-Holland, en ten oosten bij Overijssel kunnen vallen.
• Zuid-Holland: besprekingen zijn gaande, maar de
situatie is ingewikkeld vanwege de veelheid van met name de
oude GOV-kringen. Wellicht deelt Zuid-Holland zich in twee
afdelingen of vormt ze één afdeling met regionale
onderverdelingen.
• Zeeland: Geen vertegenwoordiging op de
jaarvergadering, maar de voorzitter meent zeker te weten dat
de afdeling daar gevormd is.
• Noord-Brabant: de situatie ligt ook hier wat
ingewikkeld. Er zijn verschillende opties. Het streven is om
in januari 2010 een constituerende
vergadering te houden. Alleen: wie moeten worden uitgenodigd
voor die vergadering? Het uitgangspunt moeten de Brabantse
leden van de voormalige kringen en districten zijn. Het is
wellicht handig dat er vanuit het hoofdbestuur voor iedere
afdeling of afdeling i.o. een contactpersoon beschikbaar is.
De Brabantse leden worden uitgenodigd.
• Limburg: Canten meldt dat hem ter ore is gekomen
dat er acht GOVleden bij Limburg zijn gevoegd. Verder vraagt
Canten zich af of er wel genotuleerd wordt. De voorzitter
antwoordt bevestigend: door de techniek wordt elk woord van
de vergadering vastgelegd. Er is, vanwege de afstand, sprake
van het toevoegen van Noord-Limburg bij Brabant.
De voorzitter concludeert dat er de afgelopen maanden al
veel ‘meters’ zijn gemaakt –en brengt daarvoor dank–, maar
dat er nog wel één en ander
te doen is. Vraag: is er ook een deadline voor de afronding
van de afdelingsvorming?
Ja, het liefst zo snel mogelijk natuurlijk. Het is ook in
het belang van de afdelingen zelf: wanneer er een afdeling
is gevormd, kan er ook geld beschikbaar worden gesteld.
Genoemd wordt 1 januari 2010 als mooie streefdatum; anders
uiterlijk de ALV van 2010. Binnen het bestuur wordt gekeken
naar de voortgang en bekeken wie als contactpersoon aan een
gebied kan worden gekoppeld.
9. Rooster van aftreden
Op blz. 17 van NB van mei staat het door het bestuur
vastgestelde rooster van aftreden. In het rooster is
rekening gehouden met een gelijkmatig aftreden van
bestuursleden en DB. Geconstateerd wordt dat Ad Krijger in
2009 is benoemd maar ook direct aftredend is. Hij heeft zich
herkiesbaar
gesteld en wordt door de vergadering per acclamatie
(her)benoemd. Ad zal de geschiedenis ingaan als het snelst
aftredende en herbenoemde
bestuurslid van de KVOK.
10. Huishoudelijk reglement
Voorafgaand aan de bespreking deelt de voorzitter mee dat
artikel 26,
na een gesprek met de redactie, is gewijzigd. De nieuwe
tekst luidt als
volgt: ‘De redactie beslist over de opname van ingezonden
artikelen of
berichten. Bij weigering tot opname staat beroep open bij
het bestuur die
het beroep zal toetsen aan het vastgestelde
verenigingsbeleid’. Toelichting:
de toevoeging wil duidelijk maken dat het bestuur niet in de
plaats
van de redactie treedt. Het bestuur is echter
verantwoordelijk voor het
algemeen verenigingsbeleid. De uitgave van de bladen behoort
daartoe.
Leden en auteurs hebben daarom het recht het bestuur aan te
spreken
op (de uitvoering van) dat algemeen verenigingsbeleid. De
heer Maters
wijst nogmaals op de lastige situatie van de
afdelingsvorming in Brabant.
Verder wijst de heer Maters op de lacune in het
concept-Huishoudelijk
Reglement waar het gaat over de benoeming en definiëring van
het afdelingsbestuur,
evenals de nadere regeling met betrekking tot de
financiering.
De voorzitter is het met de opmerkingen van de heer Maters
eens
en vindt ook dat dit onderwerp nadere precisering verdient.
Het bestuur
komt met een nadere uitwerking en zal zich ook buigen over
een model
huishoudelijk reglement voor afdelingen. Canten wijst nog op
de verantwoording
van met name de geldstromen. Voorzitter: nemen we ook mee
met de nieuwe voorstellen. De penningmeester wijst nog op de
accountantregels
hieromtrent. Ten aanzien van artikel 26 wordt gesuggereerd
dat bij een beroep er een onafhankelijk oordeel zou moeten
komen. Dat
is echter niet aan de orde, want het beroep wordt ingediend
bij de redactie.
Bij reclamering toetst het bestuur de handelwijze van de
redactie op
basis van het door de leden vastgestelde verenigingsbeleid.
De tekst van
het artikel wordt uiteindelijk, bij handopheffing, met grote
meerderheid
aanvaard.
Daarmee is het concept-Huishoudelijk Reglement vastgesteld
met inachtneming
van de toezegging van het bestuur met betrekking tot de
artikelen
over de afdelingen.
11. Beleidsplan voor de toekomst
Maarten Diepenbroek meldt dat een denktank, bestaande uit
jonge organisten
en kerkmusici, aanzetten zal geven tot een KVOK-beleid voor
de
toekomst. Het doel is met name het zoeken naar vernieuwing
en verjonging.
Het ambacht van de organisten en kerkmusici behoeft een
imagoverbetering,
moet zichtbaar worden en moet draagvlak krijgen. Contacten
moeten worden gelegd met muziekopleidingen, kerkelijke
instanties en
andere groepen en instanties die zich met kerkmuziek
bezighouden. Op
1 januari 2010 zouden de voorstellen in eerste aanleg klaar
moeten zijn.
12. Standpunt inzake samenwerking, cq. samengaan met
verwante
verenigingen en organisaties
De voorzitter licht toe dat bij de oprichting van de
vereniging nadrukkelijk
de gedachte is geformuleerd om een open vereniging te zijn
die openstaat
tot samengaan met andere clubs met identieke of overlappende
doelstellingen. Onze statuten zijn hierop ook ingesteld. In
dat kader meldt
de secretaris dat er nu oriënterende besprekingen
plaatshebben met het
Centrum voor de Kerkzang. Dat is zo’n vereniging waarvan de
doelstellingen
sterke overlap hebben met die van de KVOK. We kunnen elkaar
op
meerdere gebieden aanvullen. Dit wordt nader onderzocht.
13. Rondvraag
Zou in het vervolg de ALV eerder
kunnen worden gepland, bijvoorbeeld
in april? Dat hangt ook af van
het tempo waarin de accountants
werken. Het bestuur kijkt ernaar,
maar belooft niets. Kees Hoeksma
wijst op de wegwijzer met betrekking
tot de cursus Kerkmuziek III en
de bijbehorende cursusmodules. Er
wordt gevraagd naar de definitie die
de KVOK hanteert van het begrip
kerkmusicus. Dit naar aanleiding
van de ondervonden praktijk van
menig KVOK-lid wanneer deze opwekkingsliederen
moet begeleiden
of op andere wijze wordt ingezet. De
voorzitter wijst erop dat het een fundamentele discussie is,
maar dat deze ook al gevoerd is bij de totstandkoming
van de vereniging. Met name collega Zandt heeft zich er
sterk
voor gemaakt. Op zich is de huidige terminologie formeel
afgekaderd,
maar met het oog op de toekomst is het niet verkeerd ons
andermaal te
beraden. Maarten en zijn ‘jonge hondengroep’ nemen het mee.
Hoe moeten
we omgaan met verbreding en taakverandering? Dat is de
vraag. De
jonge musici worden onder hilariteit van harte welkom
geheten door een
ouder lid. Er wordt nog een opmerking gemaakt over de
structurele afwezigheid van vakmusici bij de (afdelings-)
vergaderingen. Hoe zien ze
er ook weer uit? De voorzitter vindt
dat de beroepsmensen ook de taak
hebben om de jongere generatie en
de amateurs te begeleiden zodat
het niveau gewaarborgd wordt.
14. Sluiting
De voorzitter sluit om 12.53 de vergadering.
Middagprogramma
Na de lunch werd het programma
vervolgd met het muzikale middaggedeelte.
Na de introductie van
onze gastheer Hans Fidom werden
vier instrumenten van het Orgelpark
bespeeld door de collega’s Leonore Lub, Willeke Smits,
Marieke Stoel en Petra Veenswijk. Zij deden
dat op buitengewoon inspirerende, kundige en muzikale wijze
en samen
met de toelichting van Hans Fidom kregen de toehoorders een
uitstekend
beeld van de verscheidenheid en mogelijkheden van de
schitterende instrumenten
van het Park. Frits Zwart dankte het Orgelpark zeer
hartelijk
voor de genoten gastvrijheid en de dag werd met een drankje
passend
afgesloten. |
Een historisch moment: voor het
eerst in haar bestaan komt de
algemene vergadering van de Koninklijke
Vereniging van Organisten
en Kerkmusici bijeen. En dus is
ook voor het eerst in haar bestaan
het agendapunt ‘Jaarrede van de
voorzitter’ aan de orde. Maar wat
kan een voorzitter van een vereniging,
die formeel nog geen half jaar
bestaat, in zijn jaarrede naar voren
brengen? De terugblik kan relatief
kort zijn. De tijd is zelfs te kort om
als bestuur al ernstige fouten te
kunnen hebben gemaakt. Daarom
maar wat positieve zaken. De verhoudingen
in het nieuwe bestuur
zijn goed. Veel organisatorische
zaken van grote en kleine aard,
die geregeld moeten worden bij de
start van een nieuwe vereniging,
zijn geregeld –al blijven er begrijpelijkerwijs
nog genoeg punten
over– en er wordt hard nagedacht
over een beleidsvisie voor de toekomst.
Daarmee zou ik kunnen
eindigen.
Uitgangspositie
Toch zou ik graag nóg een paar
zaken willen aanroeren. Want de
uitgangspositie van de KVOK is
ijzersterk. We zijn een vereniging
met een fors ledenbestand, maar
nog lang niet fors genoeg. Ik hoop
dat straks nader toe te lichten. We
hebben een gezonde financiële positie.
Zowel de KNOV als de GOVVvKM
hebben een voorbeeldige
financiële erfenis achtergelaten.
De vermogenspositie is gezond,
waarbij de inzet en het beleid van
de betrokken penningmeesters zeker
met ere genoemd mag worden.
Een stevig financieel fundament is
naar de mening van het bestuur
ook nodig om goed voorbereid te
zijn op de veranderingen die de komende
jaren zich zullen gaan voltrekken.
Naast NotaBene mogen we trots zijn op twee tijdschriften:
Het Orgel en
Muziek & Liturgie. Beide bladen zijn kwalitatief meer dan
aan de maat.
De vereniging treedt daarmee goed naar buiten. De
hoofdredacteuren
maken er wat van!
Toekomst
Ik denk niet dat ik overdrijf als ik zeg dat de gemiddelde
leeftijd van de
KVOK-achterban zeker niet te laag is. Mede daarom is het een
goede
zaak dat ons bestuur ook leden van onder de veertig telt.
Voor hen is
dan ook de belangrijke portefeuille voorbehouden om een
beleid voor
de toekomst te ontwikkelen. Wat willen we als vereniging
bereikt hebben
in bijvoorbeeld het jaar 2015? Eén van de redenen om als
verenigingen
samen verder door het leven te gaan, is het vormen van meer
kritische
massa: het organiseren van een sterke vereniging die niet
verdeeld maar
eenstemmig een stem kan opzetten. Het gaat nu om twee
samengaande
verenigingen, maar we hebben altijd gezegd dat we ons open
willen stellen
voor andere organisaties of verenigingen die zich kunnen
vinden in de
geformuleerde doelstellingen. Die zijn niet voor niets zó
geformuleerd dat
het niet moeilijk wordt gemaakt als nog een vereniging met
haar leden
wil toetreden. In dat verband kan ik u verklappen dat
gesprekken worden
gevoerd met het Centrum voor de Kerkzang. Nu nog
oriënterend, maar
zeker niet perspectiefloos. We moeten als orgel- en
kerkmuziekwereld beter
gehoord worden. De externe omstandigheden dwingen ons daar
ook toe. Het gaat er naar mijn mening daarbij niet om met
man en macht te
behouden wat we hebben of misschien zelfs proberen terug te
halen wat
er was, maar om de toekomst.
Dat geldt trouwens ook voor de afdelingen van de vereniging:
niet de vertrouwde
nestgeur van district of kring, maar de frisse wind van de
toekomst
zou bepalend moeten zijn. Die toekomstgerichtheid probeert
het
bestuur in een nieuw beleidsplan neer te leggen. Als het
echter om de
afdelingen gaat, doet het bestuur dat liever niet: dan zijn
vooral de leden
aan zet. Bij het betreffende agendapunt horen we graag wat u
ervan
vindt.
Betrokkenheid
De KVOK wil zich inzetten voor orgels, orgelcultuur en
kerkmuziek. Op het
eerste gezicht zou je zeggen dat dat zeker moet lukken: ons
land kent
duizenden orgels, waarvan er honderden op de monumentenlijst
prijken.
Een rijk cultuurbezit dat het verdient tot klinken te komen.
Wat dat betreft
zijn we vandaag hier in het Orgelpark in een omgeving die
een boeiende
staalkaart biedt van orgels en orgelcultuur. De Zomeragenda
laat ieder
jaar weer zien hoe uitgebreid en gevarieerd het
concertaanbod is. Een
geweldige keus: van voorspelbaar tot verrassend en
vernieuwend. Kom
ook 7 november naar hier, als jonge organisten laten horen
hoe zij vernieuwende
programmering willen realiseren. En niet mopperen dat het
teveel concerten zijn! Neem eens iemand mee die nog nooit
naar een
orgelconcert is geweest! U begrijpt dat ik zo nog wel even
kan doorgaan.
Maar ook als we het hebben over kerkmuziek, hebben we het
over grote
getallen. Iedere zondag zijn er altijd nog meer
kerkbezoekers dan museumbezoekers
op pad. Het gaat om honderdduizenden. Uit het KASKIonderzoek,
dat de PKN en de ISOK hebben laten uitvoeren, blijkt dat er
ongeveer 60.000 cantorij- en koorleden in ons land actief
zijn. Men zou
dus kunnen stellen dat de uitgangspositie van de KVOK
fantastisch is:
een sterke vereniging, veel orgels, veel activiteiten en
veel betrokken
mensen.
Alarmerende ontwikkelingen
Maar toch: een zin die begint met deze twee woorden kan
niet uitblijven.
Er zijn ontwikkelingen die ons als vereniging dwingen heel
alert te zijn.
In ons land getroost men zich relatief veel inspanningen om
het rijke orgelbezit
in stand te houden. Ook nieuwe instrumenten met allure komen
nog steeds tot stand: we zullen daar vanmiddag nog van
horen. Maar de
bespelers van die instrumenten, hoe staat het daar mee? Ook
hier geeft
het zojuist genoemde KASKI-rapport antwoord: we hebben te
maken met
een snel vergrijzend bestand. De aanwas beneden de veertig
jaar is minimaal,
terwijl de categorie vijfenzestig-plus meer dan
oververtegenwoordigd
is. Als er niet iets verandert, zullen we over tien tot
vijftien jaar te
kampen krijgen met een groot tekort aan organisten. Dat
geldt zowel voor
de professionele als de amateurorganist. Maar het lijkt erop
dat de ernst
van dit probleem slecht doordringt. Het is voor mij niet
echt duidelijk wat
daarvan de reden is. Zou het kunnen zijn dat de orgelwereld
te bescheiden
is? Spontane stakingen hebben zich in onze kring niet
voorgedaan,
voor zover ik weet. Zijn we maar al te blij dat we een orgel
ter beschikking
hebben, waardoor we ons maar stil houden? Hebben we onze
werkgevers
aangesproken op de veel te kleine aanwas van jonge
organisten? Hebben
we al alarm geslagen?
De toen nog NOV geheten vereniging dankte haar oprichting
vooral aan
het feit dat men het nodig vond iets te ondernemen op
rechtspositioneel
gebied. Meer dan honderd jaar later
is er echter nog steeds alle reden
het daar over te hebben. Om
het maar scherp te formuleren: de
goeden niet te na gesproken –want
die zijn er gelukkig ook–, is het
over het algemeen meer dan treurig
gesteld met de aandacht voor
een ordentelijke rechtspositie van
de organist/kerkmusicus in ons
land. Met de daarvoor geldende
regels wordt massaal de hand gelicht.
Als het op deze schaal in de
‘gewone burgermaatschappij’ zou
gebeuren, zou het Kamervragen
regenen. En onze kerkbestuurders
laten het allemaal toe. Geen wonder
dat zij daarom ook niet gespitst
zijn op de situatie die zich over tien
á vijftien jaar voordoet. Er dient zich
dan een schreeuwend tekort aan
organisten aan. Verschraling van
de orgelcultuur en de kerkmuziek
is dan het onvermijdelijke gevolg.
Het is de hoogste tijd dat er actie
wordt ondernomen. Voor de PKNsynode
wordt een beslisdocument
voorbereid waarin de positie van
de kerkmuziek en de kerkmusicus
aandacht moeten krijgen. Dat
is ook daarom al nodig omdat de
bekende Commissie-Veerman, die
aanbevelingen heeft gedaan voor
organisatorische solidariteit op regionaal
niveau, allerlei kerkelijke
functionarissen de revue laat passeren:
predikant, koster, kerkelijk
werker, – behalve de kerkmusicus.
Geen woord. Ik ben zo vrij geweest
de heer Veerman daarover aan te
schieten. Een ruiterlijke bekentenis
volgde: zondermeer een omissie
van de commissie. Nu heeft de
synode de aanbevelingen van de
commissie voor zich uit geschoven,
zodat ik een dringend appel
doe op het synodebestuur deze
omissie goed te maken. Voor de
kerkmuziek moet iets worden gedaan,
te beginnen met aandacht
voor opleiding en toerusting. Een
professioneel kerkmusicus op regionaal
niveau die ondermeer acquisitie
in zijn portefeuille heeft,
cursuswerk kan organiseren, lokale
kerkbestuurders kan helpen
bij het formuleren van beleid voor
liturgie en kerkmuziek en publiciteit
bedrijft. We hebben professionele
musici hard nodig: wie anders
immers zullen een nieuwe generatie
opleiden? De lokale kerkenraad
heeft genoeg zorgen aan zijn
hoofd: deze hulp kunnen ze vast
goed gebruiken. Het doel is duidelijk:
het moet natuurlijk uitmonden
in aanwas van jongeren.
In de rooms-katholieke kerkprovincie
zijn die zorgen niet kleiner.
Ook daar is meer aandacht van de
bisschoppenconferentie voor opleiding
en toerusting broodnodig.
Op beide kerkelijke erven is het
hoog tijd dat men een reëel arbeidsmarktperspectief
schept met
bijbehorende rechtspositie. Die
duidelijkheid is nodig wil de professionele
opleiding kerkmuziek
wervend zijn. Met het bekende financiële
excuus schiet men alleen
maar in de eigen voet.
Met zijn allen moeten we daaraan
willen werken om te voorkomen
dat ‘een cd-tje opzetten ook moet
kunnen’.
Solide basis
Een sterke vereniging helpt. Laten
we ons openstellen voor verandering,
nieuwe ideeën en vooral
nieuwe leden die ook over vijfentwintig
jaar nog graag lid zijn van
de KVOK. Over tien jaar ziet de wereld
er anders uit. In de tussenliggende
jaren kunnen we ons oriënteren
op dat wat nodig is na 2020.
Daarom is het goed dat we een
solide financiële basis hebben. Als
er koerswijzigingen van welke aard
dan ook nodig zijn, dan hebben we
de mogelijkheid die te realiseren.
Dat geeft ons bestuur vertrouwen.
Ondertussen houden we de lofzang
zeker gaande en blijven we
genieten van al die prachtige orgels
en de rijke orgelmuziek.
Ik wens onszelf nog vele KVOKjaren!
Rein van der Kluit , voorzitter |
Op 6 juni heeft de Koninklijke Vereniging van Organisten en Kerkmusici (KVOK)
haar jaarvergadering in het orgelpark te Amsterdam.Het
programma van de jaarvergadering vindt U in het bijgaande
PDF-document. |

De Koninklijke Nederlandse Organisten Vereniging (KNOV) en de GOV- Vereniging van Kerkmusici (GOV-VvKM) hebben besloten per 1 januari 2009 een nieuwe vereniging op te richten: de Koninklijke Vereniging van Organisten en Kerkmusici (KVOK).
Dit betekent dat de twee bestaande verenigingen op termijn opgeheven zullen worden. De leden van de KNOV en de GOV-VvKM zijn in belangrijke mate binnen de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) actief, maar ook daarbuiten. Beide verenigingen vonden het daarom voor de hand liggen dat de krachten zouden worden gebundeld. Het definitieve besluit tot fusie viel zaterdag 15 november tijdens een bijzondere ledenveradering in het Protestants Landelijk Dienstencentrum te Utrecht.
De nieuwe, 2.600 leden tellende vereniging zal de uitgave voortzetten van de twee tijdschriften: Het Orgel en Muziek&Liturgie. Daarnaast verschijnt het maandelijkse actualiteitenblad NotaBene, dat al sinds 2008 als voortzetting van De Orgelkrant door beide verenigingen werd uitgegeven. Het bestuur van de KVOK zal bestaan uit Rein van der Kluit (voorzitter), Frits Zwart (2e voorzitter), Hans Beek (secretaris), Ad Krijger (2e secretaris), Cor Rooijackers (penningmeester) en de leden Henny Heikens, Willeke den Hertog-Smits, Sebastiaan 't Hart en Maarten Diepenbroek.
De KNOV werd in 1890 opgericht ter behartiging van muziek in de eredienst en van het orgelspel in het algemeen. Ter gelegenheid van haar eeuwfeest kreeg de vereniging het predicaat ‘koninklijk’ toegekend. Afgelopen zaterdag werd bekend dat Hare Majesteit Koningin Beatrix dit predicaat ook aan de nieuwe vereniging heeft toegekend.
De GOV-VvKM komt voort uit de Gereformeerde Organisten Vereniging, die in 1931 opgericht werd, en tot doel had de bevordering van verantwoord orgelspel in de eredienst. De GOV was hoofdzakelijk actief binnen de Gereformeerde Kerken in Nederland. Ongeveer zeven jaar geleden breidde de vereniging haar doelgroep uit tot kerkmusici in het algemeen. Bij die gelegenheid werden de namen van de vereniging en haar tijdschrift gewijzigd. |
Op 21 augustus jl. heeft het bestuur vergaderd. Het belangrijkste onderwerp op de agenda was de voorgenomen fusie met de GOV-VvKM. Kort daarvoor had het bestuur het eindadvies ontvangen van de fusiecommissie die na de Algemene Ledenvergadering van 2007 was ingesteld. De fusiecommissie heeft uitstekend en grondig werk geleverd, zo heeft het bestuur geconstateerd en zij spreekt haar buitengewone waardering uit voor het vele werk dat is verricht. Het is een gedegen advies geworden waarin alle punten en onderwerpen die met fusie te maken hebben, meegenomen zijn. Op enkele kleine detailpunten na heeft het bestuur het eindadvies van de fusie overgenomen. Dat betekent dat het bestuur de leden in een nader uit te schrijven extra ledenvergadering zal voorstellen om samen met de GOV-VvKM een nieuwe vereniging op te richten, waar de KNOV en de GOV-VvKM per 1 januari 2009 in zullen opgaan. De KNOV zal in de loop van 2009 worden opgeheven. De buitengewone ledenvergadering, waarin de districtsafgevaardigden over dit voorstel hun oordeel moeten uitspreken, wordt gehouden op zaterdag 15 november. Naast de behandeling van dit algemene voorstel zal nog een aantal andere besluiten moeten worden genomen om de fusie op een formeel juiste wijze te laten plaatsvinden. De agenda van de extra ledenvergadering zal worden gepubliceerd in het novembernummer van NotaBene. In datzelfde nummer zullen ook de conceptstatuten van de nieuwe vereniging worden afgedrukt.
Vijf districten hebben gereageerd op de oproep aan de districten om vóór 1 april jl. schriftelijk te reageren op de voorstellen aangaande de fusie die in de districtenvergadering in het najaar van 2007 zijn gepresenteerd. Het bestuur is bijzonder ingenomen met deze reacties; ze hebben bijgedragen aan een juiste opzet van de voorgenomen fusie. Veel van de aangedragen punten zijn al tijdens de Algemene Ledenvergadering van 2008 behandeld en toegelicht. In het verslag van de vergadering dat in het juli/augustus nummer van NotaBene is verschenen, kunt u daarvan kennisnemen. Inmiddels heeft het bestuur de districten die gereageerd hebben, onder dankzegging, schriftelijk geantwoord. Veel van de ingekomen voorstellen zijn geheel of gedeeltelijk overgenomen. Het bestuur
meent op deze manier op een zorgvuldige wijze het voorgenomen fusieproces gestalte te geven.
Ten slotte een enkele mededeling over de bladen. Zoals u heeft gemerkt ontvangt u naast de bekende KNOV-bladen ook het GOV-VvKM-blad Muziek en Liturgie. Zoals ik al eerder vermeldde, gebeurt dit om u gratis te laten kennismaken met ons zusterblad, dat na de fusie ook een uitgave wordt van onze nieuwe vereniging. In het novembernummer van NotaBene verschijnen nadere mededelingen over het bladenaanbod per 1 januari 2009 en in welke samenstelling u de bladen kunt ontvangen.
Hans Beek, secretaris KNOV |
|